Ga naar hoofdinhoud

Samenlevingsakkoord Gouda

Samenwerken in vertrouwen

De vergaderzaal van de gemeenteraad van Gouda op de 2e verdieping van het Huis van de Stad.

De stad staat voorop. Haar opgaven, perspectieven en ervaringen vormen het vertrekpunt voor beleid, besluitvorming, uitvoering en evaluatie. Dat vraagt om een bestuur dat open is, leert en gericht is op samenwerking.

De Goudse kiezer heeft een breed palet aan politieke partijen gekozen. Ook al zijn er politieke verschillen, toch zijn samenwerken en vertrouwen het uitgangspunt. 

De deelnemende partijen willen:

  • meer vertrouwen tussen de Goudse samenleving en het gemeentebestuur;
  • een sterkere positie voor de Goudse samenleving en de gemeenteraad;
  • een levendiger politiek debat binnen de gemeenteraad.

Rollen en spelregels

Om goed te kunnen samenwerken, is het belangrijk dat er een duidelijke rolverdeling is. De gemeenteraad stelt de kaders vast en maakt politieke afwegingen. Het college van burgemeester en wethouders voert het beleid uit en legt daarover verantwoording af. Voor de samenwerking gelden de volgende spelregels:

Raad en samenleving

  • De samenleving wordt betrokken in de verschillende fasen van beleid en besluitvorming. Vooraf is duidelijk waarover inwoners, ondernemers en organisaties kunnen meedenken of meebeslissen. We maken duidelijk wat er met de uitkomsten is gebeurd. 
  • Achteraf bekijken we hoe beleid tot stand is gekomen en hoe de uitvoering ervan verloopt; we kijken welke lessen we daaruit kunnen leren. 
  • De raad maakt structureel tijd vrij voor gesprekken en werkbezoeken in de stad. Daarbij hebben we extra aandacht voor mensen die niet vanzelf van zich laten horen.

Binnen de raad

  • Alle 35 raadsleden bepalen zelf of ze voor of tegen een besluit stemmen. 
  • We gebruiken geen woorden als ‘coalitie’ en ‘oppositie’; we spreken over de gemeenteraad als geheel, of over raad en college.
  • Raadsleden zetten zich in om elkaars standpunten te begrijpen en gebruiken hun spreekrecht niet alleen om het eigen (partij)standpunt kenbaar te maken.

Tussen raad en college

  • Het college werkt bij belangrijke onderwerpen meerdere scenario’s uit en betrekt de raad en de samenleving op het moment dat er nog echte keuzes te maken zijn.
  • De raad kan onderwerpen die niet in dit samenlevingsakkoord staan zelf agenderen en uitwerken, ook met wisselende meerderheden.
  • Bij moties en amendementen geven burgemeester en wethouders een inhoudelijke toelichting op de haalbaarheid en de wenselijkheid daarvan. Daarna maken raadsleden hun eigen afweging.

Voor het betrekken van de samenleving is het nodig dat er een publieke samenwerkingsagenda komt met informatie over welke onderwerpen spelen op de korte en middellange termijn.

Borging, leren en evaluatie

Raad en college evalueren steeds hoe het gaat met de samenwerking, de manier van werken en de verschillende rollen. Een raadscommissie bewaakt het verandertraject, houdt de doelstellingen in beeld, haalt signalen op en adviseert de raad over de samenwerking tussen samenleving, raad en college. Raadsleden spreken elkaar aan wanneer dat nodig is.

Versterking van de lokale democratie

De bestuursvorm die in dit samenlevingsakkoord gekozen is, vraagt om een sterke democratische basis. Niet alleen samenwerking en vertrouwen zijn belangrijk, maar ook onafhankelijke tegenspraak, publieke controle en transparante verantwoording. Daarom onderzoekt de raad in deze bestuursperiode hoe bestaande instrumenten voor democratische controle verder kunnen worden versterkt. Daarbij betrekken wij onder andere de positie van de onafhankelijke lokale journalistiek, de toegankelijkheid van informatie en de rol van de rekenkamer.

Daarnaast voeren raad, college en samenleving regelmatig het gesprek over de staat van de lokale democratie in Gouda, zodat we kunnen leren, bijsturen en blijven werken aan vertrouwen tussen inwoners en bestuur.